Duitslandweb logo Duitslandweb

Koloniale kunst in musea: teruggeven of tonen?

Achtergrond - 12 juni 2019 - Auteur: Lynn Stroo

Duitse musea liggen er vol mee; koloniale objecten. De grootste collectie ‘roofkunst’, die van het etnologische Museum, verhuist volgend jaar naar een nieuw, omstreden onderkomen in hartje Berlijn. Daarmee laait de discussie op over de omgang met etnologische werken. Prangende vraag: moet het koloniale erfgoed niet terug naar het land van herkomst?

Koloniale kunst in musea: teruggeven of tonen? © Staatliche Kunstsammlungen Dresden, Mo Zaboli
Schaudepot Benin-Sammlung, GRASSI Museum für Völkerkunde zu Leipzig

De grote collectie koloniale objecten van het Etnologische Museum in Berlijn zal vanaf volgend jaar te zien zijn in het Humboldt Forum in het herbouwde stadsslot aan Unter den Linden. Het stadsslot is een belangrijk symbool uit het Duitse keizerrijk (1871-1918), dat wordt geassocieerd met Duitslands’ relatief korte, maar gewelddadige koloniale verleden. Dat uitgerekend in dat gebouw geroofde koloniale werken worden getoond, zoals de beroemde bronzen beelden uit het koninkrijk Benin, vinden tegenstanders onbegrijpelijk.

De beroemde Benin-beelden zijn een heet hangijzer in het debat over koloniale roofkunst. Nigeria wil de bronzen beelden en plaquettes terug. Het koninkrijk Benin lag ooit binnen de grenzen van het huidige Nigeria - verwarrend genoeg niet in het huidige Benin. Maar van teruggave is geen sprake; integendeel. Ongeveer 200 beelden worden tentoongesteld in het Humboldt Forum. De Benin-beelden behoren tot de meest waardevolle objecten die tijdens de koloniale tijd uit Afrika zijn meegenomen.

De in totaal 4000 beelden werden in 1897 door de Britse koloniale macht uit het toenmalige Benin geroofd en voor een groot deel doorverkocht in Europa. Veel werken kwamen in Duitsland terecht. De Stiftung Preußischer Kulturbesitz (SPK), waar het Humboldt Forum onder valt, heeft er zo’n 600, dat is op Groot-Brittannië na de grootste Europese collectie.

Koloniaal gedrag

Nigeria vraagt de beelden al decennia lang terug. In het land zelf zijn nauwelijks dergelijke kunstwerken te zien. Maar zicht op snelle restitutie is er niet. In plaats daarvan heeft een groep van Europese musea, waaronder ook Stiftung Preußischer Kulturbesitz, vorig jaar met Nigeriaanse partners afgesproken een deel van de beelden uit te lenen voor een toekomstig museum in de Nigeriaanse stad Benin-City.

“Onacceptabel”, stelt Jürgen Zimmerer, een van de belangrijkste stemmen in de discussie over roofkunst, in een telefoongesprek met Duitslandweb. “Het is bekend dat deze beelden zijn geroofd, en toch besloten musea ze aan het herkomstland uit te lenen. Dat wordt in Nigeria ook heel kritisch beoordeeld.” Zimmerer is professor Afrikaanse en koloniale geschiedenis aan de Universiteit van Hamburg en leidt een onderzoeksproject naar de herkomst van de Benin-beelden.

'Nigeria zou kunstwerken aan ons moeten uitlenen, niet andersom'

“Koloniaal gedrag”, noemt Zimmerer het uitlenen van de objecten. “Het is roofkunst, dus moet het terug. Wat een goede oplossing zou zijn, is dat Nigeria vervolgens een paar van de beelden aan Europa uitleent, zodat ze hier in musea te bewonderen zijn. In ruil daarvoor kunnen wij bijvoorbeeld Picasso’s aan Afrika uitlenen. Maar het Humboldt Forum wil dat niet, want dan zijn ze hun pronkstukken kwijt. Bovendien is met restitutie van deze werken het hek van de dam; dan brandt de discussie over het teruggeven van nog veel meer zeldzame objecten in Duitsland pas echt los.”

Het Humboldt Forum ziet het uitlenen aan Nigeria juist als een goede stap, zegt collectie-verantwoordelijke Lars-Christian Koch in een interview met Zeit Online in december vorig jaar. “Het is geen tactiek om de beelden niet terug te hoeven geven.” Volgens hem ligt er officieel nog geen terugvordering van Nigeria bij hen op tafel. Wel heeft het contact met Nigeria er volgens Koch toe geleid dat de tentoonstelling van de beelden is aangepast. Om het publiek meer context over de herkomst te geven toont het museum een film met uitleg bij de beelden. 

'Frankrijk handelt, Duitsland praat'

Het zijn niet alleen de bronzen beelden in het Humboldt Forum die de discussie in Duitsland op scherp zetten. De Franse president Macron deed ook een duit in het zakje, toen hij eind 2018 beloofde zo snel mogelijk 26 koloniale objecten terug te geven aan het West-Afrikaanse Benin. Macron liet uitgebreid onderzoek doen naar het koloniale erfgoed en het eindrapport was kraakhelder: de experts adviseerden tienduizenden gestolen werken snel terug te geven aan de Afrikaanse herkomstlanden.

“Het kan niet zo zijn dat er Afrikaans erfgoed alleen in Europese privé-verzamelingen en musea ligt”, zei Macron, waarmee hij ook nadrukkelijk op de verantwoordelijkheid van andere Europese landen wees. ‘Frankrijk handelt, Duitsland praat’ concludeerde de Süddeutsche Zeitung in november 2018, doelend op de passieve houding van Duitsland. 

Eerste genocide 

Toch heeft ook Duitsland de afgelopen jaren objecten, voornamelijk menselijke resten, teruggegeven aan voormalige koloniën. Vorig jaar zomer overhandigde Duitsland botten en schedels van de Herero- en Nama-volken aan vertegenwoordigers van de Namibische regering. De massamoord op de Herero en Nama door de Duitse keizerlijke troepen tussen 1904 en 1908 wordt gezien als de eerste genocide van de 20e eeuw. De schedels en botdelen werden meegenomen voor zogenoemd 'rassenonderzoek'.

Herero en Nama willen een schuldbekentenis en excuses van de Duitse regering

Het is nog altijd een groot pijnpunt. Nabestaanden van de Herero en Nama willen een schuldbekentenis en excuses van de Duitse regering. “Uit de grond van mijn hart vraag ik u om vergeving”, zei Michelle Müntefering (SPD), staatssecretarisbij het Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken, bij het overhandigen van de botten, maar een officieel excuus bleef uit.

In vergelijking met de restitutie van menselijke resten, recent ook aan herkomstlanden als Alaska, Nieuw-Zeeland en Australië, blijft teruggave van koloniale kunstobjecten flink achter. Wel worden er volgens Zimmerer zo nu en dan minder belangrijke objecten teruggegeven, zoals onlangs een eeuwenoude zuil uit het Duits Historisch Museum Berlijn aan Namibië.

Zimmerer: “Dit is juist een voorwerp dat niet per se teruggevraagd wordt en dat ook niet omstreden is. Het is een zuil die door de Portugese kolonisten destijds is neergezet. Door dit terug te geven aan Namibië, wordt de indruk gewekt dat Duitsland stappen zet. Teruggeven is natuurlijk altijd goed, maar dit leidt de aandacht af van waar het echt om gaat; de Benin-beelden en een ‘Wiedergutmachung’ voor de Herero en Nama.” 

Overheid wil onderzoek

Wat restitutie moeilijk maakt, beaamt ook Zimmerer, is dat musea niet zelf beslissen of werken teruggegeven mogen worden. Daarvoor ligt de verantwoordelijkheid bij de cultuurministeries van de deelstaten. De roep om nationaal beleid is de afgelopen jaren zo luid geworden, dat het huidige Duitse kabinet van CDU/CSU en SPD in het regeerakkoord heeft afgesproken de koloniale erfenis te onderzoeken en het onrecht te erkennen. Afgelopen maart kwamen de cultuurministers van de deelstaten en de bondsregering voor het eerst bijeen om richtlijnen op te stellen. Musea zijn blij met de aandacht, want de herkomst van de honderdduizenden werken die veelal in depots liggen opgeslagen, is lang niet altijd bekend.

'Het kan toch niet zo zijn dat Afrikaanse kunst alleen in Europa is te zien?'

“Het is een broodnodige eerste stap”, reageert Léontine Meijer-van Mensch tegenover Duitslandweb. Ze is directeur van de Staatliche Ethnographische Sammlungen Sachsen, waaronder drie volkenkundige musea in Oost-Duitsland vallen. Meijer-van Mensch is verantwoordelijk voor de op één na grootste etnologische collectie van Duitsland. “Ik ben voorstander van restitutie, maar het debat erover is gepolariseerd. Eerst moet er nog veel grondig herkomstonderzoek worden gedaan. Bovendien moeten er in de herkomstlanden goede faciliteiten zijn om de voorwerpen veilig te herbergen. Musea hebben ook een zorgplicht. We kunnen waardevolle objecten niet zomaar op een vliegtuig naar Afrika zetten.” Lees het hele interview op Duitslandweb

Scheve machtsverhouding

En dan zijn er nog de koloniale objecten die niet geroofd, maar in de koloniën gekocht of geschonken zijn. Het Etnologische Museum in Berlijn heeft bijvoorbeeld een koninklijke troon uit Kameroen in zijn bezit, geschonken door koning Njoya von Bamum in 1908 aan keizer Wilhelm II. Volgens de Duitse documentairemaker Peter Heller, die een film maakte over de koningszetel, zit de sultan van Kameroen sindsdien op een kopie. Het origineel verhuist ook binnenkort naar het Humboldt Forum. “Ik heb pas nog met de huidige sultan gebeld. Hij blijft erbij dat de troon een geschenk was”, zegt Heller in een interview met de Bayerische Rundfunk afgelopen maart. “Al vinden veel mensen om de sultan heen dat de troon terug moet naar Kameroen.”

Volgens critici als Zimmerer zijn ook dit soort werken in onzuivere omstandigheden verworven, namelijk in een scheve machtsverhouding met een constante dreiging van geweld. Ze horen dan ook niet thuis in Duitse musea. Zimmerer: “Het is tijd dat Duitsland zijn koloniale blik overboord gooit en herkomst van objecten goed onderzoekt en dan ook kunst terug gaat geven. Het kan toch niet zo zijn dat Afrikaanse kunst alleen hier te zien is?”

Lees ook het interview: 'Koloniale kunst kan niet zomaar terug naar Afrika' op Duitslandweb

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

Lees meer over 'Cultuur':

'Koloniale kunst kan niet zomaar terug naar Afrika'

'Koloniale kunst kan niet zomaar terug naar Afrika'

Léontine Meijer-van Mensch, directeur van drie Duitse musea, wil meer onderzoek naar koloniaal erfgoed

Lees meer

Duitse demonen

Duitse demonen

De provocatie van Rammstein bij de lancering van hun nieuwe album, slaat nog altijd aan, merkt Merlijn Schoonenboom.

Lees meer

Theatermakers geen vreemden meer in Jena

Theatermakers geen vreemden meer in Jena

Wunderbaum / Theaterhaus Jena presenteert zich in Nederland.

Lees meer

Ook Krefeld pronkt met Bauhaus

Ook Krefeld pronkt met Bauhaus

Duitsland viert 100 jaar Bauhaus. Krefeld, net over de grens, heeft zijn eigen Bauhaus-erfenis opgepoetst.

Lees meer


top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger