Duitslandweb
‘School moet een democratische oefenplaats zijn’
Achtergrond - 18 mei 2026 - Auteur: Wiebke PittlikScholen in Nederland hebben de wettelijke opdracht om hun leerlingen democratische waarden bij te brengen, maar veel schoolleiders worstelen met deze burgerschapsopdracht. Hoe pakken scholen in Duitsland het aan? Om dat te onderzoeken reisde een groep Nederlandse teamleiders en conrectoren naar Gronau, net over de grens bij Enschede.
De Fridtjof-Nansen-Realschule in Gronau is een middelbare school, vergelijkbaar met een Nederlandse mavo/havo. In de voormalige textielstad wonen veel arbeidersgezinnen en 70 procent van de leerlingen op de Realschule heeft een migratie-achtergrond. Als schoolhoofd Andrea Preuß door de gang loopt, wordt ze om de paar meter enthousiast begroet door leerlingen. Het is de laatste dag voor de paasvakantie. Preuß verdeelt het Nederlandse bezoek over verschillende lessen: de zeven schoolleiders kijken mee bij maatschappijleer, een mentoruur en bij Nederlands – een populair keuzevak op deze school in de grensregio.
In het mentoruur van het achtste leerjaar – klas 2 in Nederland - staat de Klassenrat op het programma: een vergadering met de hele klas over schoolzaken. Vijf leerlingen leiden samen de vergadering. Ze hebben ieder een eigen taak, zoals voorzitten, tijd bewaken of notuleren. Docent Jana Schulten is in de kring tussen de leerlingen gaan zitten. De voorzitter vraagt wat de klas vindt van de nieuwe, vaste tafelgroepjes. “Door de vaste groepen hoef je niet meer te vechten voor een plek”, zegt een leerling. De leerlingen krijgen papiertjes om te noteren welke eigenschappen een goede Sitzpartner (tafelgroepgenoot) moet hebben. Ze leggen de papiertjes op de grond in het midden van de kring zodat een collage van wenselijke eigenschappen ontstaat: ‘rustig kunnen zijn als het erop aan komt’; ‘elkaar helpen’ en ‘accepteren hoe de tafelgenoot is’.
Daarna bespreekt de groep of het nieuwe op-tijd-beleid goed werkt en staat de algemene sfeer op de agenda. Aan het einde van de les kunnen de leerlingen op briefjes opschrijven met wie ze graag in de nieuwe tafelgroep zitten na de vakantie.
'Vanuit het hart'
De school moet een democratische oefenplaats zijn, legt Preuß later uit. In Duitsland is een democratische schoolcultuur wettelijk verplicht en Preuß en haar team nemen die opdracht zeer serieus: “Ik heb een opdracht van de staat om leerlingen de waarden van de grondwet bij te brengen”, zegt ze herhaaldelijk. In Duitsland zijn de meeste docenten ambtenaren en dus in dienst van de overheid. “Haltung steht vorne bei allem, was wir tun (Onze waarden staan voorop bij alles wat we doen).” Het aanleren van democratische competenties is voor haar een vanzelfsprekend onderdeel van haar pedagogische opdracht. Maar dat is niet genoeg, benadrukt ze: “Ik doe mijn werk vanuit het hart, mit Herz.”
De Nederlandse schoolleiders, die werken op scholen in onder meer Wassenaar, Assen, Veenendaal en Ermelo, zijn duidelijk onder de indruk van de betrokkenheid van de Duitse leerlingen en van de passie waarmee Preuß haar missie uitdraagt.
In de kennismakingsronde voorafgaand aan het klassenbezoek hebben de Nederlandse teamleiders en (con-)rectoren het vooral over de ‘herstelopdracht’ die hun school van de onderwijsinspectie heeft gekregen voor burgerschapsonderwijs. De inspectie heeft 65 procent van de middelbare scholen de opdracht gegeven het burgerschapsonderwijs te verbeteren.
Spanningen in de samenleving
De vraag of je burgerschap onderbrengt binnen een schoolvak of kiest voor een vakoverstijgende aanpak houdt de schoolleiders bezig. Ook worstelen ze met spanningen in de samenleving die op school doorwerken. Bij docenten bespeuren ze een ‘handelingsverlegenheid’, bijvoorbeeld in de omgang met controversiële kwesties zoals de Gaza-oorlog. Bij sommige onderwerpen, zoals seksualiteit, ontstaan bovendien snel problemen met ouders.
Ruud Verbraak adviseert Nederlandse scholen over burgerschap en geeft hier in Gronau een workshop aan de schoolleiders. Hij merkt dat scholen vaak nog niet goed weten wat ze moeten met hun burgerschapsopdracht en dan vanuit de eisen van de inspectie een plan maken. Hij laat de aanwezigen reflecteren op wat ze hier op deze Duitse school hebben gezien. “We hadden eigenlijk wel wat met de laatste verkiezingen kunnen doen, bedenk ik me nu”, zegt een conrector. “Wij durfden dat niet aan uit vrees voor de uitslag”, zegt een ander.
De school als democratische oefenplaats is geen ‘nice to have’ maar een ‘must-have’, houdt Verbraak de groep voor. Ook in Nederland is dat onderdeel van de burgerschapsopdracht. Hij adviseert om eerst in te schatten wat de eigen leerlingenpopulatie nodig heeft. In een achterstandswijk kan dat bijvoorbeeld zijn dat je leerlingen wilt leren omgaan met conflicten, terwijl in een plattelandsdorp de groepsdruk misschien groot is en jongeren moeten leren hun eigen mening te vormen.
Het valt ook Preuß op dat de Nederlanders vooral aan de eisen van de inspectie proberen te voldoen. “Jullie zijn zo gefocust op kwaliteitszorg en niet op je missie, je roeping”, zegt ze.
Zelfbestuur voor leerlingen
Preuß legt uit hoe haar school werkt met het programma Aula, dat een vorm van zelfbestuur voor leerlingen faciliteert. Leerlingen kunnen via een app de wildste voorstellen indienen en worden dan begeleid in de uitwerking van het plan. Alle andere scholieren kunnen meedenken en meepraten via de app, er zijn de nodige checks and balances ingebouwd. Als een voorstel rijp genoeg is geeft een jury - bestaande uit het schoolhoofd en de Aula-coördinator - het vrij voor stemming via de app. “We konden zien dat de leerlingen zagen: dit is democratie”, vertelt Preuss. “Het credo van Aula is: ik neem de leerlingen radicaal serieus.” Ook de meest onrealistische ideeën worden niet zomaar van tafel geveegd; de leerling ontdekt als het goed is tijdens de uitwerking zelf dat het niet gaat. Twee leerlingen zijn getraind als juniormoderatoren om te zorgen dat de omgangsvormen netjes blijven en de app niet wordt overspoeld met onzincommentaren.
Hoewel de schoolleiders geïnspireerd lijken door de goede kwaliteit van de lessen en de democratische microkosmos die deze school lijkt te zijn, laten ze merken dat het moeilijk is om op hun eigen school iets soortgelijks van de grond te krijgen. In Duitsland worden kinderen beoordeeld op participatie in de les. Ze doen - mede daardoor - veel actiever mee. “Spreken en debatteren leren ze veel meer”, merkt een conrector uit Wassenaar op. Op de Fridtjof-Nansen-Realschule wordt bovendien sterker genormeerd en gedisciplineerd, constateert de groep. “We moeten misschien toch meer begrenzen, zodat het geen puinhoop wordt”, zegt een van hen. In de les Nederlands werd bijvoorbeeld – op het schoolplein - volop bewogen, zonder dat er chaos uitbrak, hadden de schoolleiders gezien.
Democratische basisvaardigheden
De docent maatschappijleer van de Fridtjof-Nansen-Realschule vertelt dat ook op deze school volop conflictpotentie is. Door de internationale samenstelling van de school heeft wereldnieuws soms een directe uitwerking in de klas. Gisteren nog, vertelt hij, speelde hij een Kahoot-quiz met de klas. Een van de leerlingen had de Russische vlag als profielfoto. Dat staat hij niet toe: de leerling heeft hij uitgelegd dat dat te kwetsend is tegenover de Oekraïense leerlingen. Nog een voorbeeld: aan het begin van de Gaza-oorlog liepen de emoties hoop op. Hij verdeelde de klas in drie groepen en liet de leerlingen op zoek gaan naar de feiten. Een groep moest zich verdiepen in de historie van het conflict, een tweede groep moest de mogelijke oplossingen onderzoeken en de derde groep moest zich bezig houden met de aanslagen. “We gaan de confrontatie aan”, zegt hij. Want het is ook een kans om deze kinderen een ander perspectief te geven dan dat wat ze van thuis meekrijgen.
Als tot slot wordt gevraagd wat de schoolleiders hebben opgestoken, is het toch vooral dat het bijbrengen van democratische basisvaardigheden in de schoolcultuur moet worden ingebed. “Je werk als docent als opdracht zien, dat vind ik een mooie gedachte”, zegt de conrector uit Wassenaar. “Als ik zie wat een mooie dingen hier gebeuren, hoe kunnen wij dat voor elkaar krijgen?” vraagt een collega uit Veenendaal zich af. “Hoe krijg je het voor elkaar dat het aanleren van burgerschap zo’n diepgeworteld gevoel wordt?”
Dat gevoel is bij enkelen in de groep duidelijk aangewakkerd: teamleider Danielle Crielaard uit Ermelo schrijft na afloop op Linkedin: ‘Ik was (en ben) onder de indruk van wat er wel kan. Misschien nog wel het meest van de directeur van de Fridtjof-Nansen-Realschule, bij wie je het vuur letterlijk ziet branden om dit mogelijk te maken.’
De namen van de geciteerde schoolleiders en leerlingen zijn niet vermeld omdat het schoolbezoek een besloten bijeenkomst was waarop de deelnemers vrijuit moesten kunnen spreken. Ze zijn wel bij de redactie bekend.
Lees meer over 'Onderwijs':
Duitse scholieren kunnen eindelijk examens oefenen
De Duitse ngo FragDenStaat stelt dure oefenexamens gratis beschikbaar voor scholieren. Uitgeverijen verdienden daar miljoenen mee.
DDR-zomerkamp tot leven gewekt voor scholieren
In de educatieve VR-beleving kunnen scholieren zelf ervaren hoe het communisme in Oost-Duitsland werkte.
Duitsland worstelt met academische vrijheid
De grenzen van de academische vrijheid staan in Nederland en in Duitsland ter discussie. Cancellen is ongewenst, maar desinformatie verspreiden is dat ook.
Van Abitur tot Realschule: Duitse schoolbegrippen
Het is eindexamentijd. Met dit handzame overzicht weet je hoe je diploma in het Duits wordt genoemd, en welke termen in het Duitse hoger onderwijs worden gebruikt.

Reacties
Geen reacties aanwezig