Duitslandweb logo Duitslandweb

Duitse media onzeker over eigen rol in populismedebat

Achtergrond - 12 december 2016 - Auteurs: Marja Verburg, Wiebke Pittlik

Duitse media zijn zelf een groot thema geworden in het publieke debat. Sinds hen ongeloofwaardigheid wordt verweten, zijn journalisten kritischer geworden over hun werk en leggen ze vaker uit welke keuzes ze maken. Dat bleek bijvoorbeeld tijdens de vluchtelingencrisis, na de nieuwjaarsnacht in Keulen en bij de opkomst van Pegida en AfD.

Duitse media onzeker over eigen rol in populismedebat © dpa/picture-alliance
AfD-demonstratie in Rostock, oktober 2015

Een 17-jarige Afghaan werd begin december gearresteerd omdat hij ervan wordt verdacht een 19-jarige Duitse studente in Freiburg te hebben verkracht en vermoord. De omroep ARD besloot er in de Tagesschau, het Duitse journaal, niet over te berichten. Daarop kreeg de publieke zender veel kritiek: de moord en de arrestatie zorgden in heel Duitsland voor ophef, het onderwerp raakte aan het maatschappelijke debat over de vluchtelingencrisis en dus had de zender het nieuws moeten brengen. Door het te verzwijgen, speelde de zender mensen in de kaart die de mainstream media als Lügenpresse (leugenpers) zien, luidde het verwijt. (Zie bijvoorbeeld deze commentaren van de FAZ en Stern)

ARD-hoofdredacteur Kai Gniffke legde in een blog en een Facebookchat uit waarom zijn redactie de beslissing had genomen het nieuws niet in het journaal te brengen: de ARD bericht zeer zelden over individuele misdaden en bij de moord in Freiburg was er geen reden om daarvan af te wijken. Dat de zender het later toch over de moordzaak had, was omdat er inmiddels een maatschappelijke discussie over was ontstaan, onder meer door de reacties van verschillende politici die waarschuwden voor een hetze van rechts tegen vluchtelingen. 

Deze zaak lijkt exemplarisch voor de recente discussies in en over media in Duitsland: media die zelf nieuws worden door de manier waarop ze nieuws brengen; het verwijt dat veel mainstream media ongeloofwaardig zijn; en journalisten die open hun worsteling tonen met de dilemma’s waarvoor ze zijn geplaatst.

Activistische journalisten

Met de komst van de vele vluchtelingen naar Duitsland in de zomer van 2015 toonden Duitse media zich soms ronduit activistisch. Dat activisme was geen opgelegd beleid, zoals het verwijt luidde, maar mede een reactie op de dagelijkse incidenten uit extreem-rechtse hoek, de aanslagen op asielzoekerscentra die in 2014 en 2015 schrikbarend toenamen.  

Moeten journalisten een zo activistische rol spelen? Moeten ze niet gewoon weergeven wat er gebeurt?

Deze houding riep vragen op als: moeten journalisten een zo activistische rol spelen? Moeten ze niet gewoon weergeven wat er gebeurt? Bereiken ze met hun betrokkenheid niet het tegenovergestelde van wat ze beogen, namelijk dat mensen zich van hen afkeren omdat ze de media niet meer vertrouwen?

Giovanni di Lorenzo, hoofdredacteur van Die Zeit, brak in oktober 2015 een lans voor de betrokken journalist. Journalisten zijn ook geëngageerde burgers, schreef hij in een hoofdredactioneel commentaar in een speciale Zeit-editie over en door vluchtelingen. Hij roemde Merkels uitspraak 'Wir schaffen das' en voegde eraan toe dat politiek, burgers en media daaraan vastberaden moeten vasthouden, om het ook daadwerkelijk te kunnen ‘schaffen’. Al waarschuwde hij ook voor een "teveel van het goede, dat ontstaat als journalisten betrokken actoren worden, campagnes organiseren en soms zelfs tot censuur overgaan". Ook de problemen die vluchtelingen veroorzaken moeten journalisten benoemen, zonder dat ze direct van xenofobie worden beschuldigd, vervolgde Di Lorenzo. "Anders zitten we in de val van de mooipraterij, waar we niet verder in mogen trappen."

Zelfcensuur

Een jaar later blikte Di Lorenzo terug op de rol van zijn krant in het vluchtelingendebat, in het politieke tijdschrift Cicero. Daarin klonk hij een stuk kritischer: “We waren in ieder geval in de begintijd regelrecht bezield van de historische taak die nu moest worden vervuld”, schreef hij in september 2016. “Daarmee gepaard ging het negeren van de angsten bij de bevolking. Nog problematischer was dat we kritiekloos overnamen wat de bondsregering verklaarde, die alles zei om achteraf goed te praten wat in werkelijkheid ongepland gebeurd was.”

'Zonder problemen hebben we de verdenking op ons geladen dat we met de machthebbers onder een hoedje spelen'

De gevolgen daarvan zijn tot op de dag van vandaag te merken, aldus Di Lorenzo: “De samenleving werd vergiftigd als nooit tevoren en mensen verloren hun vertrouwen in de eliten en de in de Bondsdag vertegenwoordigde partijen. Een rechts-populistische beweging raakte erdoor versterkt.” Hij concludeerde: “Zonder problemen hebben we de verdenking op ons geladen dat we met de machthebbers onder een hoedje spelen, dat we zo uniform berichten, dat het lijkt alsof we gestuurd worden en dat we de zorgen en de angsten van de mensen niet serieus nemen.” Dat maakte hem boos, “omdat ik van mening ben dat onze media tot de beste en de meest vrije ter wereld behoren.”

Di Lorenzo noemde overigens ook in Cicero het gevaar om als xenofoob of populistisch te worden weggezet als je als journalist kritische vragen over het vluchtelingenbeleid van de regering stelt. Diezelfde angst leefde bij journalisten na de nieuwjaarsnacht in Keulen. Bovendien deden media na ‘Keulen’ ook aan zelfcensuur, om te voorkomen dat de aanrandingen en berovingen in verband zouden worden gebracht met de vluchtelingen (lees op Duitslandweb meer over de geloofwaardigheid van de publieke omroep, de kritiek op o.a. de media na de nieuwjaarsnacht en hoe Duitse media 'Keulen' duidden of bekijk de uitzending van Medialogica over Keulen terug). Door de discussie die na Keulen is ontstaan, is er meer ruimte in het publieke debat gekomen voor juist deze zorgen.

Rechts-populisme

De opkomst van rechts-populistische bewegingen en partijen maakt Duitse media onzeker. In Duitsland zijn dit nieuwe fenomenen: de rechts-populistische partij AfD is er sinds 2013, anti-islambeweging Pegida sinds eind 2014.

Met de opkomst van Pegida raakte de term Lügenpresse (leugenpers) in zwang. Ook AfD-aanhangers namen die term over. Zij verwijten de Duitse mainstream media hen en hun zorgen niet serieus te nemen. Vaak willen ze ook niet met journalisten spreken. Dat raakt journalisten persoonlijk en beperkt hen in hun werk (zie daarover op Duitslandweb: 'Duitse media onder vuur').

'Duitse media hebben de AfD lange tijd niet serieus genomen'

Duitse journalisten worstelen met de vraag hoe ze over rechts-populistische partijen en hun aanhang moeten berichten. Lange tijd hebben ze de AfD niet serieus genomen en de partij beschouwd als iets rechtser dan de CSU, vertelde politicoloog Marcel Lewandowsky onlangs op Duitslandweb. Veel journalisten en politici dachten dat de AfD iets van voorbijgaande aard zou zijn. Dat blijkt niet het geval. De partij zit inmiddels in tien van de zestien deelstaten in het parlement en wordt volgend jaar naar verwachting met 10 tot 15 procent van de stemmen in de Bondsdag gekozen. 

Stigmatiserend

Daardoor kijken journalisten nu ook kritischer naar hun rol in het populismedebat. De ARD meldde bijvoorbeeld twee maanden geleden in een blog dat ze de AfD in het journaal niet meer standaard rechts-populistisch noemt. Veel kijkers vonden dat te bevoogdend, aldus hoofdredacteur Gniffke. Zulke kwalificaties werken bovendien stigmatiserend, legde Lewandowsky op Duitslandweb uit: "Het is een dunne lijn: door zo’n stigma worden de AfD en haar kiezers nog meer aan elkaar verbonden. Daar leeft de partij van, van het gevoel bij kiezers dat ze buitengesloten worden. 'Zie je wel', is dan de reactie.”

'SPD-voorzitter Gabriel werd verketterd toen hij met Pegida-aanhangers in gesprek ging'

Ook andere media zoeken naar een betere manier om over rechts-populisme te berichten. “Bij Pegida hebben we alles fout gedaan”, vertelde journalist Thomas Kirchner van de Süddeutsche Zeitung eind november in Amsterdam op een conferentie over media en rechts-populisme. SPD-voorzitter Gabriel werd verketterd toen hij met Pegida-aanhangers in gesprek ging, aldus Kirchner. Gabriel sprak in januari 2015 als prive-persoon met Pegida-aanhangers bij een bijeenkomst georganiseerd door de Landeszentrale für politische Bildung in Saksen. Hij wilde horen wat hun problemen waren. Dat vonden niet alleen veel van zijn collega-politici not done, ook in de media kreeg hij daarop veel commentaar.

Kirchner voelde bij collega’s ook “afkeer en walging van iemand als Kathrin Oertel”, vertelde hij. Oertel was woordvoerster van Pegida en ging in januari 2015 in de ARD-talkshow van Günther Jauch in debat met Duitse politici. Dat podium had ze volgens velen niet moeten krijgen. Later namen politici afstand van Pegida en AfD, en weigerden ze met hun vertegenwoordigers te discussiëren. “Wij in de media hebben een zelfde wereldbeeld als politici omdat we uit hetzelfde milieu komen”, aldus Kirchner. “Maar er is nog een wereld. Eén die we niet kennen.” 

Reacties

Geen reacties aanwezig

Maximaal 500 tekens toegestaan

Lees meer over 'Rechtspopulisme en media':

Journalisten tussen 'Haltung zeigen' en neutraliteit

Journalisten tussen 'Haltung zeigen' en neutraliteit

Duitse en Nederlandse journalisten debatteerden in Berlijn over de omgang van media met rechtspopulisme.

Lees meer

Via AfD wordt extreem gedachtegoed salonfähig

Via AfD wordt extreem gedachtegoed salonfähig

Extreemrechts heeft een nieuw gezicht gekregen. Neue Rechte en hun invloed in de AfD

Lees meer

Tijd voor verandering

Tijd voor verandering

ARD-reporter Tilmann Bünz ziet Duitse media worstelen met hun rol in het populismedebat. "Voor kritische geluiden was te weinig ruimte."

Lees meer

‘Gevestigde partijen moeten meer polariseren’

‘Gevestigde partijen moeten meer polariseren’

Interview met de Duitse politicoloog Lewandowsky over rechts-populisme, de AfD en de komende verkiezingen.

Lees meer


top
Op deze site worden cookies gebruikt, wilt u hiermee akkoord gaan?
Accepteer Weiger